Vakantie voor iedereen!

“Ben je blij eindelijk weer eropuit te kunnen trekken: in de vrije natuur, in de bergen, aan zee of op het platteland? Voel je ook de drang om te ontsnappen van tussen de muren die je sinds maart opgesloten hielden? Droom je ervan eindelijk de stress van corona en diens gevolgen te kunnen achterlaten?”

Voor degenen die het geluk hebben te kunnen vertrekken, is de vakantie een ontspanningsmoment waarop ze te lang moesten wachten, vooral door de beproeving van de lockdown. Zich eindelijk kunnen herbronnen samen met familie of vrienden en nieuwe plekjes ontdekken is prima voor ieders geestelijk evenwicht. Een gewone dagexcursie of een korte vakantie van een week zijn voldoende om je gedachten te verzetten en even je problemen te vergeten.

Maar uit discussies bij het opstellen van het rapport Duurzaamheid & Armoede bleek dat “sommige personen nog nooit met vakantie geweest zijn”. En degenen die, al was het maar één weekeinde, konden vertrekken vertelden hoezeer dat hun standpunten en hun gezinsrelaties had veranderd. Want duurzaamheid betekent niet alleen minder ver reizen om minder te vervuilen maar ook zorgen voor het welzijn van deze en de volgende generaties.

Maar de coronacrisis doet vandaag een ander probleem rijzen: als alle mensen die gewoonlijk naar het buitenland vertrekken, nu in België blijven, hoeveel bescheiden huurverblijven zullen nog beschikbaar zijn voor degenen die gewoon waren naar de Belgische kust te trekken? Zoals een militante zegt: “Er zal voor ons niks overblijven.”

 

Vakantieverhalen van mensen in armoede?
Die kan je lezen in ons boek Aan de onderkant ligt de lat altijd hoger. Een voorproefje:

Op safari in de Kalmthoutse Heide

‘Wij gaan niet op vakantie naar het buitenland’, antwoordt Franky. Hij slist een beetje omdat hij onderaan een aantal tanden mist. ‘Wel doen we uitstappen in de buurt. En dan kiezen we plekken die op het buitenland lijken. Kijk, hier zijn we in de Kalmthoutse Heide. Het is precies alsof we in Afrika zitten.’
Iedereen aan tafel lacht terwijl Franky een foto op zijn gsm laat zien. ‘Amai ja, jullie zijn precies op safari!’, schatert Anita. Franky staat zijn met zijn zoon in T-shirt, korte broek en zonnebril op de neus in het zand, met op de achtergrond een boom die zo uit een documentaire van David Attenborough lijkt weggeplukt. ‘Onze Kevin heeft toen op school gezegd dat we naar Kenia waren geweest. Tja, al die andere jonge gasten doen ook zo van die zotte reizen, hij moet toch kunnen meepraten?’
Stefanie port mij aan: ‘En waar ga jij naartoe?’