Vanuit het oogpunt van armoedebestrijding zijn vooral de besparingen in het Groeipakket (voorheen kinderbijslag) dubbel onverstandig.
Onverstandig omdat investeren in de ontwikkeling en het welzijn van kinderen maatschappelijk voor een grote meerwaarde zorgt. Deze wetenschappelijk onderbouwde stelling zou al een voldoende reden moeten zijn geweest om het groeipakket ongemoeid te laten.
En nog onverstandiger is, dat de besliste besparingen niet uitgebalanceerd zijn, en ook de gezinnen met de laagste inkomens treffen. Er is niet de minste sociale correctie!
> Een geboortepremie enkel nog voor het eerste kind en niet voor de volgende:
Elke nieuwe geboorte zorgt wel voor extra kosten. Een aantal spullen aangekocht voor het eerste kind kan je hergebruiken, maar sommige kosten zijn er opnieuw voor elk kind. Voor bevalling en de pre- en postnatale zorg moet de moeder een deel zelf betalen. Dat zijn altijd een paar honderd euro die bij een krap gezinsbudget zwaar doorwegen.
> De verlaging van de maximumleeftijd voor kinderbijslag van 25 naar 23 jaar en de onmiddellijke stopzetting van het groeipakket voor schoolverlaters:
Oudere kinderen die studeren kosten het meest. Stopzetting voor één van de kinderen vermindert tevens de toelagen voor de andere kinderen in het gezin. Samen met de strengere voorwaarden voor een studiebeurs vermindert het de kansen dat jongeren uit gezinnen met laag inkomen hogere studies tot een goed einde kunnen brengen.
Deze besparingen treffen rijkere en armere gezinnen zonder onderscheid, maar zullen voor de gezinnen met een krap inkomen het hardst aankomen.
Terwijl er nog heel recent in opdracht van de Vlaamse overheid een uitgebreide studie uitgevoerd is over de impact van het Groeipakket op het beschikbaar inkomen en armoede. Aan de aanbevelingen van het door CEBUD (Thomas More) gepubliceerde rapport (mei 2026), is er geen enkel gevolg gegeven. Hetzelfde geldt voor de aanbevelingen van het Netwerk tegen armoede tijdens een hoorzitting van 23 juni in het Vlaams Parlement.
Een besparing, gecombineerd met hogere sociale toelagen voor de laagste inkomens zou nochtans perfect mogelijk geweest zijn.
In het plaatje van de impact van het groeipakket moet ook nog vermeld dat enkel de hogere inkomens fiscaal voordeel halen uit de verhoging van het belastbaar bedrag volgens het aantal kinderen.