Mary Rabagliati (1942-1992) – De zoektocht naar sociale rechtvaardigheid

Het verlangen naar een zinvol leven en de zoektocht naar sociale rechtvaardigheid

De Britse Mary Rabagliati was twintig toen ze voor een tweetal maanden ging helpen in het barakkenkamp bij Parijs, waar Joseph Wresinski woonde en werkte. Ze bleef en bouwde mee de internationale beweging uit. Diana Skelton schreef er een boek over.

Voor Diana Skelton is het ook een persoonlijk verhaal. Ze ontmoette Mary toen ze zelf twintig was, tijdens haar opleiding voor het International Voluntariaat. Ze woonden samen, werkten samen en voerden talloze gesprekken die Diana’s levenskeuzes beïnvloed hebben. Toen Mary zes jaar later aan kanker overleed, bleef Diana achter met vragen over wat Mary nog had kunnen betekenen. Toen ze jaren later de archieven van ATD doornam, ontdekte ze hoeveel Mary had geschreven en hoe groot haar invloed werkelijk was. Het besef dat zijzelf inmiddels even oud was als Mary toen ze stierf, gaf haar het gevoel dat ze Mary’s verhaal moest doorgeven.

Diana gaat als het ware in dialoog met Mary. Beiden werkten in meerdere landen, beiden zagen hoe armoede het recht op gezinsleven onder druk zet, en beiden worstelden met de complexiteit van het leiden van diverse teams. Het boek is tevens een reflectie op de armoedebestrijding vandaag en de uitdagingen die daarbij horen.

Een schokkend begin

Het verhaal begint in 1962. De twintigjarige Mary Rabagliati trekt voor twee of drie maanden naar het noodkamp van Noisy-le-Grand.

“Op een donkere, mistige februariavond stapte ik uit de bus en liep over de asfaltweg. Plotseling werd het asfalt slechts een stoffig pad met kuilen. De dichtstbijzijnde bushalte was honderden meters van het kamp verwijderd. De weg stopte, en je moest in het stof – of de modder – lopen naar een plek waar alles vies was. Er waren overal ratten. Er woonden mensen! Ik was echt geschokt.”

 Confrontatie met onrecht

Diana: “Ik was 15 en bezorgd over racisme. Daarom begon ik met vrijwilligerswerk in een deel van Washington DC dat voor 100% uit zwarte mensen bestond, het zogenaamde “hart van de drugswijk”, grenzend aan de rosse buurt, ongeveer 11 kilometer van mijn huis. Als de schemering viel, verzamelden tieners zich geleidelijk op de hoek van de straat. Regelmatig reden politieauto’s met piepende banden het trottoir op en riepen “Sasquatch!” om de tieners te verspreiden – voor even, want even verderop kwamen ze weer bij elkaar.”

Op zoek naar zin

De twintigjarige Mary werkte als secretaresse op een architectenbureau in Londen.

”Ik wilde iets anders, maar wat? Ik wist hoe het was om geld te verdienen, naar huis te gaan en mijn eigen ding te doen. Dat paste niet bij mij. Ik vond het zonde om iemand anders rijk te maken en vervolgens mijn salaris uit te geven. Ik was op zoek naar iets zinvols om te doen.”

 Juist dat pad van ‘oppervlakkige zinloosheid’ vreesde Diana en het verlangen daaraan te ontsnappen bracht haar naar ATD Vierde Wereld.

Strijd voor vrouwen en meisjes in armoede

Mary bleef zich heel haar verdere leven engageren naast Joseph Wresinski. Een belangrijk deel van haar werk draaide om de positie van vrouwen en meisjes in armoede. Ze zag hoe geweld, vroeg moederschap en institutionele vooroordelen hun kansen beperkten. Ze vocht voor hun recht om hun kinderen zelf op te voeden en voor toegang tot middelen die hun autonomie konden versterken. Dat ze zelfs een katholieke priester wist te overtuigen dat vrouwen in armoede recht hadden op anticonceptie, toont haar vastberadenheid én haar vermogen om bruggen te bouwen.

Een tijd geleden interviewde Diana een Britse militante over haar tienerjaren. Met een door trauma getekende stem vertelde ze haar: ‘Op mijn vijftiende plaatste de jeugdzorg mij in een woonvoorziening voor volwassenen. Daar was ik samen met zeven mannen. Zij hebben mij allemaal mishandeld, misbruikt en seksueel uitgebuit.” Dat tienermeisjes gehuisvest worden  zonder toezicht gebeurt vandaag nog. Hoe kan uitbuiting dan stoppen, vraagt Diana zich af. ‘Deze militante en vele anderen hebben ondraaglijke pijn geleden in hun contact met de jeugdzorg. Toch hebben ze samen met ATD gestreden om armoede uit te roeien en het beleid te verbeteren.”

Kwetsbaarheid in het dagelijks werk

Het fascineerde Diana hoe Mary omging met alledaagse uitdagingen. Mary was altijd opvallend openhartig: over momenten waarop ze zichzelf verwijten maakte omdat ze haar geduld verloor, maar ook over frustratie, uitputting en wat zij ‘onze dagelijkse gemeenheid’ noemde. Ze werkte hard aan het opbouwen van een beweging voor sociale rechtvaardigheid, maar ze wist dat dit werk niet alleen bestaat uit grote bijeenkomsten bij de Verenigde Naties of met parlementsleden. Het zit juist ook in de dagelijkse ontberingen van armoede en in alle redenen waarom mensen soms hard worden.

Tijdens een stranduitje kreeg Diana’s vermoeide en prikkelbare peuter een driftbui. Verschillende ouders in armoede, van wie velen zelf streng waren opgevoed, vonden dat een pak slaag de enige oplossing was. Diana had haar kinderen nooit geslagen, maar ze had ook geen wondermiddel tegen driftbuien. Ze kreeg kritiek omdat ze te mild zou zijn. Onzeker over zichzelf voelde ze zich eerst ongelukkig en vernederd door wat als een bewijs van haar onbekwaamheid aanvoelde — zowel als ouder als in haar rol bij ATD, waar ze relaties juist wilde versterken. Ze begon zich te verdedigen: ‘Met een schreeuwende peuter kan je niet onderhandelen!’

Publiceren als vorm van verzet

Mary ging in New York werken en later in Engeland, waar ze op aansporing van Wresinski een diploma haalde aan de London School of Economics.  Ze werd binnen ATD verantwoordelijk voor de uitgave van boeken en nieuwsbrieven. Ze wist hoe hardnekkig de vooroordelen over mensen in armoede waren. Jongeren uit noodhuisvesting werden geweerd uit danszalen, politie stuurde hen weg, en hun woonadres was genoeg om hen te stigmatiseren. Mary zag publicaties als een manier om die misverstanden te doorbreken en om de kracht, creativiteit en ambities van mensen in armoede zichtbaar te maken.

Diana schrijft: “Journalisten kunnen mensen in armoede soms in kwetsende stereotypen duwen. Toch hecht ik veel waarde aan onderzoeksjournalistiek, een beroep dat essentieel is voor een gezonde democratie. Dus wanneer anderen binnen ATD de media bekritiseren, ben ik degene die zegt: #NotAllJournalists. En een groot deel van het werk van ATD vandaag is niet alleen het creëren van kansen voor mensen in armoede om met de pers te spreken, maar ook lang daarvoor het creëren van veilige ruimtes waar mensen met vergelijkbare armoede-ervaringen kunnen nadenken over het stellen en beschermen van hun grenzen terwijl ze zelfvertrouwen opbouwen.”

 Een vreugdevolle revolutie

Diana koos als titel voor het boek Joyful Revolution. Mary’s benadering van sociale rechtvaardigheid was revolutionair. Tegelijkertijd was ze iemand die overal naar vreugde zocht, en die zo vaak mogelijk danste.

Diana schrijft: ‘Mary begon met chemotherapie een paar maanden nadat ik haar voor het eerst ontmoette. Hoewel we de zware tol van haar ziekte niet konden negeren, deed ze enorme inspanningen om vreugde te blijven verspreiden. Op een avond merkte ze dat ik gestrest was door het vele werk. Zonder aarzelen besloot ze dat we naar Parijs moesten — een uur rijden. Ze nam me mee naar een gezellige bistro, trakteerde me op Franse uiensoep en bracht me de hele avond aan het lachen.’

Mary is in 1992 op 50-jarige leeftijd overleden.

Diana maakte acht jaar lang (2008-2016) deel uit van het leidinggevend team van de internationale beweging. Voordien werkte ze in Madagaskar, in New York als vertegenwoordiger van ATD bij de Verenigde Naties, en voor de Europese jongerenafdeling vanuit het Franse Champeaux. Momenteel werkt ze vanuit het Verenigd Koninkrijk.

Isabelle Maes

Voor dit artikel hadden we een schrijfgesprek met Diane Skelton, via e-mail.

De eersten die blijven zijn vrouwen

Het is merkwaardig hoe ATD Vierde Wereld op korte tijd uitgroeide van een eenmansactie in een barakkenkamp nabij Parijs tot een internationale beweging. Ik kende de beweging enkele jaren toen ik de voorbereidingen meemaakte voor de 30ste verjaardag, op 17 oktober 1987. Honderdduizend mensen uit verschillende landen stroomden samen voor een indrukwekkend evenement om en rond de Eiffeltoren. In 1992 werd die verjaardag door de Verenigde Naties uitgeroepen tot Werelddag van Verzet tegen armoede. Ondertussen komt de zeventigste verjaardag in zicht. Een Franse historica bestudeerde de geschiedenis van ATD, als buitenstaander. Ze kreeg toegang tot de archieven en sprak met tal van mensen. Het resultaat verscheen in 2025 in boekvorm.

Als Joseph Wresinski, priester, in 1956 in de bidonville van Noisy-le-Grand komt wonen krijgt hij hulp van jongeren. Ze komen tijdens hun vakanties, sommigen komen terug voor meerdere maanden. Pas na enkele jaren komen er mensen die blijven, en die eerste blijvers zijn vrouwen. Over twee van hen is vorig jaar een boek verschenen. In het Nederlands is er de biografie van Alwine de Vos van Steenwijk, een Nederlandse diplomate in Parijs, die op een tweede nieuwjaarsdag een bezoek brengt aan het kamp waarover ze las in ‘Elle’. Het laat haar nooit meer los. De Nederlandse Astrid Schutte verdiepte zich in de persoon en de achtergrond van deze merkwaardige, in Nederland weinig bekende vrouw.  Een  Engelstalig boek over de Britse Mary Rabagliati is geschreven door Diana Skelton,  Amerikaanse uit de buurt van Washington D.C en  zelf volontair bij ATD Vierde Wereld.

IM

 

Axelle Brodiez-Dolino (2025), ATD Quart Monde, une histoire transnationale. Presses Universitaires de France

Astrid Schutte (2025), Barones tussen de armen, Spectrum
Diane Skelton (2025) Joyful Revolution. Poverty, Social Justice and The Story of Mary Rabagliati,  The Lutterworth Press

0
    0
    Je winkelmand
    Your cart is emptyNaar vorige pagina