Armoede doet ons anders nadenken over de wereld

Symposium Cerisy-la-Salle, Normandië – 6 tot 13 juni 2017

Artikel geplaatst 23 oktober 2017 Print Friendly

Armoede doet ons anders nadenken over de wereld

Sprekers uit 15 landen keken door de lens van hun eigen vakgebied en ervaring naar het gedachtegoed van Joseph Wresinski en legden het naast dat van andere denkers uit de geschiedenis.

Op www.joseph-wresinski.org kan u in een Nederlandstalige samenvatting lezen wat Joseph Wresinski verbindt met Simone Weil en Hannah Arendt en wat voor Chen Yueguang van het China Culture Institute herkenbaar is.
Hieronder vindt u de kern uit de bijdragen van Marie Jahrling, Bonita Bennet en Dominique Lambert.

Het geheugen van ATD Vierde Wereld

Marie Jahrling vertelt hoe ze meer dan zestig jaar geleden met haar ouders, broers en zusjes op de dool was in de regio rond Parijs. Ook al had haar vader een job gevonden, een woning vinden voor het gezin met zeven kinderen lukte niet. Ze kwamen terecht in het daklozenkamp van Noisy-le-Grand, eerst in een tent, later in een iglo van golfplaten. Bij het vertellen van haar verhaal wordt het haar even te machtig. Het stigma is voor haar nog altijd voelbaar, hoe ze behandeld werden door de maatschappij rondom hen. De kindersterfte was hoog, maar pijnlijk en schrijnend was ook hoe kinderen brutaal werden weggehaald bij hun ouders. Bij een diefstal of een moord in de wijde omgeving kwam de politie altijd eerst het kamp uitkammen. ‘Tot in mijn pubertijd’, zegt Marie, ’spookte de angst door mijn hoofd dat het leger ons allen op een goede dag zou komen neerschieten.’
In dat kamp kwam Joseph Wresinski toe, en dit veranderde alles voor Marie en voor vele anderen. Vandaag is Marie Jahrling lid van de ethische commissie van het Internationaal centrum Joseph Wresinski in Baillet. Daar bevindt zich het archief van ATD Vierde Wereld. ‘Baillet is de plaats die herinnert aan onze geschiedenis, aan de weg die Joseph Wresinski aflegde, aan zijn strijd. Het is een plaats van respect voor de armsten, het bewijs van het bestaan van een volk van de Vierde Wereld.’

Museum District Six, een plaats van herinnering in Zuid-Afrika

Het is een hele uitdaging om een museum in te richten als je geen tastbare voorwerpen hebt. Bonita Bennett is directrice van het Museum District Six in Kaapstad. In dit levendige district woonden vele ex-slaven, kooplui, havenwerkers en migranten. Na de apartheidswetten van 1948 werden meer en meer mensen verdreven en in 1966 werd het een wijk voor ‘whites only’, enkel blanken. Bulldozers kwamen, huizen en zelfs het stratenpatroon werden van de kaart geveegd. De bewoners werden verspreid in townships ver buiten de stad. Maar drie decennia lang bleef het ‘District Six’-gemeenschapsgevoel overeind omdat verhalen en tradities werden doorgegeven. Daarrond is het museum opgebouwd dat in 1994 open ging als eerste post-Apartheidsmuseum. Een belangrijke symbolische plek, ook voor andere gemeenschappen elders die hardhandig verdreven werden, tevens een plek die een rol opneemt in het waarmaken van de herstelmaatregelen na het apartheidstijdperk. Museum D6 wil een plaats van hoop zijn, waar blijvend nagedacht wordt over burgerschap.

Zijn inspanningen om armoede te bestrijden in tegenspraak met de evolutieleer van Darwin?

Het is een vraag die Dominique Lambert af en toe hoort. De wetenschap leert toch dat de evolutie van soorten voortvloeit uit natuurlijke selectie waarbij de meest kwetsbare en minst nuttige exemplaren geëlimineerd worden? Lambert is doctor in de fysica en in de filosofie. Hij is professor aan de Universiteit van Namen. Sommige mensen verwerpen de evolutieleer omdat die de eigenheid van de mens zou ontkennen. Anderen verschuilen zich er achter om neer te kijken op menselijke beperkingen. Professor Lambert is thuis in de leer van Darwin en geboeid door Joseph Wresinski. Dat is geen contradictie. Drie wetenschappers haalt hij aan.

De eerste is de Fransman Patrick Tort, die benadrukt dat Darwin, als een van de weinigen in zijn tijd, racistische opvattingen verwierp. Haalde Darwin met zijn theorie van de natuurlijke selectie zijn eigen mensbeeld onderuit? Toch niet. Tort brengt een tekst van Darwin uit 1871 onder de aandacht: de natuurlijke selectie heeft bij onze voorouders de vermogens tot samenwerking en tot ‘sympathie’ geselecteerd. Daardoor is de mens in staat geweest zijn eigen evolutie te beheersen en om te keren: van eliminatie van de zwaksten tot hulp om hen een overlevingskans te bieden. Die omkering is de biologische basis voor het succes van de eerste menselijke groepen en voor de ontwikkeling van een nieuwe menselijke maatschappij.

De Nederlandse gedragsbioloog Frans de Waal werd bekend met zijn boek ‘Een tijd voor empathie: wat de natuur ons leert over een betere samenleving’. Veel dieren overleven niet door elkaar uit te roeien, maar door samen te werken en te delen: dat zie je bij wolven die samen in groep jagen, maar ook bij orka’s en apen. Ook de Waal toont aan dat de evolutietheorie van Darwin niet staat voor het genadeloos uitroeien van zwakkeren.

De geofysicus Xavier Le Pichon tenslotte, organiseerde samen met paleontoloog Yves Coppens een seminarie over het ondersteunen van gehandicapten in de prehistorische samenleving. Zij vertelden over een begraafplaats in Irak van 100.000 jaar geleden, waar een skelet gevonden werd van een man die zijn rechterarm was verloren, half blind was geweest en ernstige moeilijkheden had gehad om zich te bewegen. En die man had zó vele jaren geleefd, zoals bleek uit zijn botten. Dit kon alleen maar omdat zijn gemeenschap voor hem had gezorgd. Rekening houden met de kwetsbaarheid van de ander, besluit Le Pichon, is een kracht die de evolutie op een bijzondere manier stuwt in de richting van meer menselijkheid. De menselijke gemeenschap kan alleen groeien als geheel, elke uitsluiting beknot haar en maakt haar harder.

Als het over het doorgronden van armoede gaat is er behalve de theorie een blijvend contact nodig met de bijzondere ervaringen van individuele mensen. Kennis opbouwen kan maar met respect en met inleving in de realiteit van wat moeilijke levensomstandigheden doen met een mens. Dit samengaan van het theoretische en het concrete, van het particuliere en het universele, van het globale en het individuele, gebeurt niet vanzelf. Die kruising van beide perspectieven en de respectvolle benadering van armoede, dat vindt Dominique Lambert terug bij Joseph Wresinski.

Isabelle Maes, M.T. Poppe